
Hoeksche Chips® Op de boerderij gebakken
Handgebakken chips

Opening Terra madre,
Oprichting slow food Nederland.
Volkskrant 19 mei 2008
Eco-
REPORTAGE, Van onze verslaggever Mac van Dinther
gepubliceerd op 19 mei 2008 02:46,
bijgewerkt op 02:46
MIDDELBURG -
Ooit geweten dat chips ‘slow’ kunnen zijn? Hoeksche chips zijn het. Door drie boeren uit de Hoeksche Waard van zelf geteelde aardappelen gebakken in zuivere zonnebloemolie met als enige toevoeging peper en zeezout. ‘En ze zijn nog gezond ook’, zegt aardappelteler en chipsbakker Henk Scheele. ‘Ze bevatten minder vet dan light chips zelfs.’
Ambachtelijk, duurzaam geproduceerd en lekker. Dat hebben de Hoeksche chips gemeen
met boerenkaas, biologische wijn, brood van Zeeuwse vlegel (milieuvriendelijke geteelde
tarwe), naegelholt (gedroogd rundvlees), Oosterscheldekreeft, Waddenoesters, en het
Chaams hoen, een zevenhonderd jaar oud kippenras dat door een stelletje enthousiastelingen
in West-
Allemaal ‘slow’ producten, waarin slow staat voor ‘lekker, puur en eerlijk’, aldus
Jan Wolf, voorzitter van Slow Food Nederland. Slow Food, een wereldwijde vereniging
van bewuste lekkerbekken, ijvert al jaren voor het recht op genieten. Natuurlijk
moet het lekker zijn. Maar het is meer dan dat, benadrukt Wolf. ‘We zijn geen vereniging
van neo-
Afgelopen weekend organiseerde Slow Food Nederland in de Abdij in Middelburg de eerste Terra Madre/Salone del Gusto, een schouw van ambachtelijke producten van eigen bodem. Kaas, brood, vis, kreeften, worsten, jams, sappen, bier, wijn, garnalen, honing, boerenboter, het stond allemaal uitgestald op het binnenplein van de abdij waar het vooral zondag, bij mooi weer, druk was.
Slow Food Nederland wil kleine boeren en ambachtelijke producenten ondersteunen in het behoud van culinair erfgoed. Niet met geld. ‘Dat hebben we zelf ook niet’, zegt Wolf, die voorzitter is van een vereniging van nog geen tweeduizend leden. Maar wel met publiciteit, proeverijen, en evenementen zoals de Terra Madre die in Italië elke twee jaar meer dan honderdduizend bezoekers trekt.
‘We willen de consument naar de boer, de bakker en de kaasmaker brengen’, zegt Wolf. ‘Het verhaal erachter laten zien.’ Laten zien bijvoorbeeld hoe moeilijk het voor kleine producenten is om het hoofd boven water te houden in een woud van hygiëneregels. ‘Die zijn vooral bedacht voor grote, industrieel werkende bedrijven. Die kunnen dat gemakkelijk betalen. Maar bij kleine producenten drukt het veel harder op de kosten.’
Laten zien ook dat goed eten meer kost omdat het arbeidsintensiever is. Zoals het geval is bij de Boeren Goudse Oplegkaas, een kaas die alleen gemaakt wordt van ‘rauwe’ (ongepasteuriseerde) zomermelk en minimaal 21 maanden moet rijpen. Er zijn nog maar twee boeren die hem zo kunnen maken, zegt Marjolein Kooistra van Slow Food. ‘De meeste boeren weten niet meer hoe het moet.’
Mede dankzij Slow Food is de originele Goudse terug op de markt. Kooistra stond er laatst nog mee op een beurs in Londen. ‘Ze sloegen ervan achterover. In het buitenland kennen ze onze Goudse alleen als slappe fabriekskaas.’
Tussen alle etenswaren ook een kraam van de gemeente Midden-